Een studiekostenbeding in de arbeidsovereenkomst
23 april, 2026

Een studiekostenbeding in de arbeidsovereenkomst

Scholing en blijven leren horen bij de moderne arbeidsmarkt

Scholing en blijven leren horen bij de moderne arbeidsmarkt. Daarom is het verschaffen van scholing door de werkgever aan de werknemer in de wet vastgelegd. Voor bepaalde beroepen is het als werknemer nodig om een opleiding te volgen tijdens het dienstverband. Een voorbeeld hiervan is het beroep advocaat. De eerste drie jaar dat een beginnend advocaat werkzaam is, volgt deze advocaat als stagiaire de beroepsopleiding.

Voor het volgen van scholing kan een werkgever een studiekostenbeding opnemen in de arbeidsovereenkomst. Hiermee kunnen de kosten tussen de werkgever en de werknemer worden verdeeld. Een dergelijk beding is echter niet altijd toegestaan. Er zijn verschillende uitspraken gewezen waarin een studiekostenbeding nietig is verklaard. In deze blog bespreek ik wanneer een studiekostenbeding nietig is.

Nietigheid van een studiekostenbeding

Artikel 7:611a van het Burgerlijk Wetboek (BW) regelt de scholing van werknemers en de studiekosten die daarmee gepaard gaan. De werkgever moet de werknemer in staat stellen om scholing te volgen die noodzakelijk is voor de uitoefening van zijn functie. Wanneer scholing van de werknemer noodzakelijk is, moet de werkgever deze kosteloos aanbieden. Een studiekostenbeding waarbij de kosten van deze scholing op de werknemer worden verhaald of verrekend is nietig. Nietigheid betekent dat het beding niet geldig is.

Noodzakelijke scholing

Niet elk studiekostenbeding is dus nietig. De scholing moet namelijk noodzakelijk zijn voor het uitoefenen van de functie van de werknemer.

De noodzakelijkheid van de scholing kan volgen uit een (wettelijke) regeling, zoals een wetsartikel of een cao. In dat geval is het meteen duidelijk dat de scholing noodzakelijk is.  In het voorbeeld van de advocaat is dit het geval. De opleiding is namelijk verplicht op grond van een wetsartikel (HR 26/09/2025).

Het begrip ‘noodzakelijk’ heeft echter een ruimere strekking. Scholing die bijvoorbeeld in opdracht van de werkgever moet worden gevolgd, is ook noodzakelijk. Hierbij maakt het niet uit dat een werknemer de scholing zelf graag zou willen volgen. Wat (volgens de kantonrechter (Rb. Limburg 21/01/2026) (Rb. Oost-Brabant 05/02/2026)) ook onder noodzakelijk kan vallen, is scholing die nodig is om het functioneren te verbeteren of om als werknemer door te groeien binnen de onderneming waarbij zowel de werknemer als de werkgever belang hebben. In het kader van de noodzakelijkheid kunnen daarom verschillende omstandigheden van belang zijn, zoals hoe de werkgever zich over de noodzakelijkheid van de opleiding heeft uitgelaten en wat in de functieomschrijving over scholing is beschreven.

Studiekostenbeding voor niet noodzakelijke scholing

Daarnaast kan er ook sprake zijn van een situatie waarin scholing niet noodzakelijk is, maar er wel een studiekostenbeding wordt overeengekomen in de arbeidsovereenkomst. Een voorbeeld hiervan is een vooropleiding. Deze is niet noodzakelijk voor de uitoefening van de functie (HR 26/09/2025).

Een studiekostenbeding, waarbij de kosten op de werknemer kunnen worden verhaald of kunnen worden verrekend met het loon van de werknemer, is in beginsel toegestaan. Toch zijn er twee voorwaarden waaraan dit beding moet voldoen. Zo moeten de door de werkgever gemaakte studiekosten evenredig zijn aan de mate en periode waarin de werkgever profijt kan hebben gehad bij de scholing. Ook moet een eventuele verplichting tot terugbetaling van studiekosten bij beëindiging van het dienstverband voldoende kenbaar uit de overeenkomst leiden en de werkgever moet het duidelijk aan de werknemer uiteen hebben gezet. Is hier niet aan voldaan, dan is dit studiekostenbeding niet geldig (Rb. Amsterdam 20/03/2026).

Samenvattend

Komt u als werknemer tot de conclusie dat de scholing noodzakelijk is voor het uitoefenen van je functie, dan is het gevolg dat deze scholing kosteloos moet blijven. Een studiekostenbeding waarbij de kosten van scholing die noodzakelijk is voor het uitoefenen van zijn functie op de werknemer worden verhaald of verrekend worden met loon van de werknemer, is dus nietig.

Twijfelt u over de geldigheid van een studiekostenbeding in uw arbeidsovereenkomst, toets dan de noodzakelijkheid van de scholing zoals in deze blog aan bod is gekomen.

Advocaat Arbeidsrecht

Advocaten arbeidsrecht

Heeft u vragen over een studiekostenbeding , als werkgever of als werknemer? Neem dan gerust contact op met de advocaten van de sectie Arbeidsrecht van Wildenberg Advocaten.

Auteur: mevrouw Fleur Visser (stagiaire rechtsgeleerdheid universiteit Nijmegen), onder supervisie van mr. Lysanne Modderman.

U mag dit bericht delen: